Schrijf je in voor onze nieuwsbrief!

    Schrijf je in voor onze nieuwsbrief!

      2020 WORKERBEE

      Column van

      Ik ben ik en jij bent jij

      mannen
      Emmy Lapré

      Een berg speelgoed, autobanden, een zitzak, gekleurde tuinstoelkussens, tuinstoelonderdelen, parasols en héél veel verhuisdozen met heel veel gereedschap. Barstensvol staat ons gigantische rommelhok, oftewel de garage. Zo ook het houten rek dat vandaag weg moet omdat er elektriciteitsleidingen worden gelegd, precies over die muur.

      Vol met bakjes, oude verfblikken, stapels losse tegels, bakken tuinmest en weet ik veel wat allemaal nog meer. Ik maak bestaande hoopjes zooi wat hoger door er gewoon meer zooi bovenop te gooien. Er ontstaat zowaar georganiseerde chaos. Er komen langzaamaan lege stukken vloer tevoorschijn, perfect om de spullen die op het rek stonden neer te zetten. Hij schroeft de lege planken eraf en stapelt ze op. Ieder lekker in onze eigen flow, ondersteund door het gezoem van de (elektrische) schroevendraaier. Dan stopt het geluid opeens. Ik zie nog 2 planken hangen aan de muur. Hij pakt een biertje. We zijn toch klaar?

      Bij mij gaan alle alarmbellen af: total failure! Hij ziet vuurwerk: dit is een doorslaand succes, met –ach– nog zo’n 10 minuutjes werk.

      Hoe kun je nou denken dat we klaar zijn? Je ziet toch dat er nog planken hangen of ben je blind ofzo? Je weet dat het vandaag af moet, waarom stop je nou? Moet ik het weer afmaken?

      Wanneer is af af?

      De eeuwige perfectionist in mij gaat altijd door totdat een project helemaal af is, al val ik erbij neer. Dan hoef ik er niks meer aan te doen en kan ik een vink zetten achter deze taak op mijn ellenlange to-do lijst. De eeuwige optimist in hem vindt een project zo nét voor het eind eigenlijk al klaar. Hij gunt zichzelf een break en weet dat die paar minuten werk zo gepiept zijn of dat het zichzelf wel oplost op de een of andere manier. Rara hoe.

      Ik verwacht alleen van hem dat hij ook doorgaat totdat het helemaal af is, zoals ‘af’ in mijn woordenboek beschreven staat dan. Hij ziet het alleen niet zo zwart-wit als ik en viert het succes wat eerder. Waarom denkt hij niet meer zoals ik vraag ik me af. En ik niet zoals hij? En waarom verwacht ik van hem hetzelfde als van mezelf?

      mannenEen moment van bezinning

      Ik ben ik en jij bent jij.” Mijn neefje van anderhalf zit bij dit kinderliedje iedere keer weer vrolijk op de bank te hupsen wanneer ik het aanzet voor een broodnodig moment van bezinning, voor mij. Ik ben inderdaad ik, en jij bent inderdaad jij. Dezelfde situatie, totaal andere beleving. Totaal andere verwachtingen die we niet uitspreken naar elkaar. Bij mij gaan alle alarmbellen af: total failure! Hij ziet vuurwerk: dit is een doorslaand succes, met –ach– nog zo’n 10 minuutjes werk.

      Ik neem een enorme slok van zijn biertje en kijk naar wat we gedaan hebben. Ik zie geen losse planken die naar mijn mening dus eigenlijk 10 minuten geleden al van de muur af hadden moeten zijn. Ik zie ook geen planken die nog helemaal vast hangen. Ze bungelen er wat tussenin. Ik betrap mezelf erop dat ik na dat harde werken stiekem toch ook wel van dit mini-momentje rust geniet. Zien we dan misschien toch hetzelfde?

      Emmy Lapré
      Tags: hokjes