Schrijf je in voor onze nieuwsbrief!

Schrijf je in voor onze nieuwsbrief!

2020 WORKERBEE

Column van

Laten we het daar eens over hebben: focus

focus
Jessi Gruszka

“Ik zonder me even af hoor, éven full focus.” Het lijkt een nieuw fenomeen: collega’s die zich niet kunnen concentreren met andere collega’s om zich heen. Of met wat dan ook om zich heen eigenlijk. Stilteruimtes schieten als paddenstoelen uit de grond, grote opvallende koptelefoons in schreeuwerige kleuren werden nog nooit zo goed verkocht en: er werd nog nooit zo veel gezucht en gesteund. People lost their focus, people!

In een hokje van twee bij één

Er vindt een mini-volksverhuizing plaats. Het halve bureau van mijn collega wordt leeg geschraapt: kladblok, pen, telefoon, laptop en misschien nog een crackertje voor de trek. “Ik zonder me eventjes af hoor, éven full focus.” En weg is mijn collega. Het nieuwe adres is ‘stiltehokje 1’, trouwens. Het is een klein hokje. Twee bij één misschien. Er staat een bureau met bureaustoel in en er staan twee schermen, daar kun je je laptop aan koppelen. Aan het plafond van het hokje zit een dikke slang verbonden, een zuurstofslang. Klinkt allemaal heel eng, maar dat is gewoon om ervoor te zorgen dat mijn collega niet stikt en dus ‘full focus’ wild om zich heen kan blijven typen. Want hey, herrie kan ‘ie niet gebruiken, maar zuurstof natuurlijk zeker wel.

Als je echt wil, en zeker weet dat je de regel van het ‘niet storen’ wil verbreken, dan kún je wild zwaaiend proberen zijn aandacht te trekken. Wie weet krijg je een geïrriteerde ‘huh, wat?’ terug. Dát is je moment.

Social is NOT his middle name

Wat mijn collega allemaal doet in dat stiltehokje mag Joost weten, maar hij komt er meestal met rode konen en heel verhit uit. Alleen welteverstaan. Voor twee is geen plek in het hokje, gelukkig, anders moesten we ons helemaal afvragen waar die blosjes vandaan kwamen. Ik denk dat ze er bergen verzetten, want: niks leidt ze af. En dat is precies ook de bedoeling. Geen collega’s met vragen aan hun bureau (want jézus, daar hebben ze toch geen tijd voor), geen storende telefoontjes (want ‘ik ben toch geen telefooncentrale’) en geen gekwebbel van collega’s (want ze zitten toch potjandorie niet meer in de kleuterklas met de weekendnabespreking?). Nee, ‘social’ is wat dat betreft niet de middle name van de stiltehokjescollega.

Do not disturb

Er zijn trouwens ook socialere (met de nadruk op ‘re’) varianten te vinden van de ‘fullfocuscollega’ hoor. Die met de schreeuwerige koptelefoon. Geen iPhone-oortjes, maar van die ouderwetse oorwarmers. Extra opvallend. Extra signaal: do not disturb. Hij heeft nog net geen rood met wit lint om zijn bureaustoel heen gespannen. Dus, als je echt wil, en zeker weet dat je de regel van het ‘niet storen’ wil verbreken, dan kún je wild zwaaiend proberen zijn aandacht te trekken. Wie weet krijg je een geïrriteerde ‘huh, wat?’ terug. Dát is je moment. Je kunt nu je vraag stellen. Maar: wel snel een beetje, want hij was ‘net zo lekker gefocust bezig’.

Niet mijn probleem

Ik vraag me af hoe het komt dat we ons ineens niet meer kunnen focussen met mensen om ons heen. Hoe deden ze dat vroeger? Toen je nog niet in je eentje naar je eigen muziek kon luisteren? Toen ze nog gewoon met 30 man in een kantoortuin zij aan zij zaten te werken? Toen je concentreren zonder hulpmiddelen nog heel gewoon was? Ik moet zeggen dat het mij over het algemeen best goed lukt. Tuurlijk, toegegeven, ik heb ook mijn ‘even focussen’-momentjes, maar ik beperk het wel tot iPhone-oortjes, om net die ruis even weg te nemen, maar zodat ik wel nog meekrijg wat er om me heen gebeurt en ik -meestal- nog vrij gemakkelijk te bereiken ben voor een vraag of kantoorlolletje. Want dat moet ook gebeuren natuurlijk. En als andere mensen er last van hebben, dat ik even een grapje maak met mijn collega, dan gaan ze maar lekker in een stiltehokje zitten. Of leren hoe ze zich kunnen focussen zónder hulpmiddelen.

Jessi Gruszka